Het leven van Dick Rooseboom in Nederlands Indië
Als tweede stuurman op koopvaardijschepen van de KPM en luitenant ter zee tweede klasse bij de Koninklijke Marine
Over de loopbaan van Dick Rooseboom bij de Marine, de KPM en vervolgens zijn verblijf in krijgsgevangenschap schreef zijn vrouw Greet Rooseboom-van Driel regelmatig in haar kampverslag. Tijdens zijn loopbaan bij de Koninklijke Marine en KPM heeft Dick het nodige meegemaakt en dat met name bij de Koninklijke Marine. In zijn Indië-periode voer Dick op diverse schepen van de KPM en marine om na de capitulatie van dat land als krijgsgevangene in de kampen Tjimahi te Bandoeng terecht te komen. In dit verslag kan ik alleen omschrijven wat zijn vrouw Greet Rooseboom-van Driel tijdens haar kampleven over hem schreef en uit de documenten die van hem bewaard zijn gebleven.
Sergeant Dick Rooseboom bij aanvang van zijn loopbaan bij de Koninklijke Marine (foto nov. '28)
Zoals ik uit de papieren van Dick kan opmaken, begon zijn loopbaan bij de Koninklijke Marine in oktober 1928 als sergeant tweede klas en wist hij zijn loopbaan bij de Koninklijke Marine af te sluiten als Luitenant ter Zee 1e klasse KMR. Dick Rooseboom heeft in een tussenliggende periode als tweede stuurman bij de KPM gevaren, om in februari '41 weer bij de Koninklijke Marine terug te keren. Na drie jaar krijgsgevangenschap is Dick Rosseboom hoofd van het M.P.K.B. Marine-postkantoor in Batavia en Bandoeng geweest, om uiteindelijk in november 1946 voorgoed naar Nederland terug te keren.
Luitenant ter zee 2e klasse Dick Rooseboom tijdens een cursus zittend op de voorgrond en op de rechter foto de tweede van links
Makassar
Als tweede stuurman bij de KPM
1 April 1940: Makassar: Vanaf 1 april is Dick officieel bevorderd tot Luitenant ter Zee 2e klasse KMR. Twee dagen na de huwelijksvoltrekking te Soerabaja reizen Dick en Greet Rooseboom naar Makassar, waar zij bij aankomst regelrecht naar het Empress Hotel rijden. Daar huurt het nog maar kort gehuwde echtpaar een kamer met een aparte badkamer. Greet weet die kamer met wat aangekochte spulletjes gezellig in te richten. Het is daar goed vertoeven, mede omdat Greet een radio en een grammofoon met pick-up heeft aangeschaft. Greet omschrijft de hotelkamer als bar gezellig! Als Dick weer naar zee vertrekt kan het 'schriftelijk leventje' waaraan ze inmiddels al gewend zijn weer beginnen.
In zijn Makassar-periode heeft Dick op diverse lijnen gevaren. Eerst op Oost-Celebes naar Kendari en dergelijk, maar ook naar Gorontalo dat helemaal in het noorden van Celebes ligt. Hij is dan 25 dagen weg en drie dagen thuis, Greet noemt dat 'hun driedaagse', maar hij heeft ook wel eens een 'zesdaagse. 'Greet haalt hem dan bij de steigers op, maar het komt ook wel eens voor dat zijn schip op de rede voor anker gaat.
Als Greet op 10 mei moederziel alleen op haar hotelkamer zit, begrijpt ze maar niet waar alle opschudding beneden in de hal van het hotel vandaan komt. Als ze naar beneden gaat krijg ze voor het eerst te horen over de Duitse inval van Nederland. Niet veel later krijgt ze van Dick een telegram waarin staat, dat Greet maar beter naar Soerabaja kan vertrekken als hij niet meer in staat is om naar Makassar te komen. Gelukkig is dat het geval, want Dick komt wel degelijk naar Makassar. Vanaf vandaag zit Greet iedere dag aan de radio gekluisterd.
De meest beroerde tijd bij de KPM was toen Dick op Oost-Borneo ging varen. Hij was toen 14 dagen weg en met veel gehaast en gejacht slechts één avond thuis. Vanwege al het gejaag was dat een zenuwslopende tijd. Daar kwam nog bij dat hij ieder moment overgeplaatst kon worden. Hij kreeg toen ook nog paratyfus, waarmee hij in het ziekenhuis belandde.
Overstap van het ms "van Overtraten" op het ss "Speelman" te Bandjarmasin (Borneo)
Het vele van huis zijn en het haastige leven wat het varen bij de KPM met zich meebracht begon het stel steeds minder te bevallen. Dick dacht steeds vaker terug aan zijn tijd bij de Koninklijke Marine en nam uiteindelijk het besluit om de KPM vaarwel te zeggen. Juist op het goede tijdstip, want niet veel later wordt de KPM uitgeroepen tot vitaal bedrijf en dan had hij geen ontslag meer kunnen nemen. Trouwens de kans op promotie was bij de KPM ook gering. Met zijn 34 jaar staat Dick ergens op plek 88 van de lijst om 1e stuurman te worden. Na het indienen van zijn ontslag zijn Dick en Greet naar Batavia gereisd om bij het hoofdkantoor op het Koningsplein af te rekenen. Op het kantoor geven ze hem nog wel een tip dat er een vacature open staat bij de nautische afdeling van het deviezen-instituut, maar de marine trekt Dick toch meer.
Hoofdkantoor van de KPM op het Koningsplein te Batavia
Soerabaja
Als luitenant ter zee tweede klasse keert Dick terug bij de koninklijke marine
Dick en Greet Rooseboom poseren in de woonkamer van hun huis aan de Bankastraat 9 Soerabaja
17 februari ’41: Dick is inmiddels teruggekeerd bij de Koninklijke Marine. Hij is dan wel langer van huis, maar zijn verlofdagen zijn aanmerkelijk meer dan bij de KPM. Dick en Greet zijn weer naar Soerabaja teruggegaan. In de Bankastraat 9 huren ze een huis inclusief overname van al het meubilair. Bij terugkeer van zijn eerste reis bij zijn nieuwe werkgever herkend Dick zijn eigen huis niet meer. Greet is net zo lang met meubels aan het schuiven geweest tot het huis helemaal naar haar zin is. Dat is dan ook de reden dat Dick en Greet de foto's hierboven hebben genomen.
Passeerbiljet voor het marine-etablissement te Soerabaja en een machtiging tot gedeeltelijke uitbetaling van de soldij
27 februari 1942: Als Dick op de torpedobootjager Hr. Ms. “Witte de With” komt te varen, weet hij nog niet dat dit schip aan de Slag op de Javazee zal deelnemen. Nadat de Japanners op zowel Celebes als Borneo succes hebben geboekt is Java hun volgende doelwit. Vanwege de centrale ligging zal Java van doorslaggevend belang zijn voor het verdere verloop van de oorlog. Uit westelijke en oostelijke richting wordt het eiland aangevallen. Een Japans eskadron, bestaande uit twee zware en twee lichte kruisers en veertien torpedojagers, escorteert eenenveertig Japanse vrachtschepen die invasietroepen en militair materiaal vervoeren om op Java af te zetten.
De torpedobootjager Hr. Ms. "Witte de With" aan de kade in Soerabaja
Schout-bij-nacht Karel Doorman is met een aantal ABDA-schepen al geruime tijd opzoek naar deze vrachtschepen. Omdat schout-bij-nacht Doorman geen ondersteuning van vliegtuigen krijgt, verloopt de zoektocht naar de eenenveertig schepen uiterst moeizaam. In de namiddag van 27 februari ontdekt de vloot van Doorman de vrachtschepen inclusief het Japanse eskadron dat deze vrachtschepen begeleid. De eenenveertig vrachtschepen krijgen opdracht om zich terug te trekken. Wanneer de ABDA-schepen onder leiding van Schout-bij-nacht Karel Doorman het Japanse eskadron op schietafstand heeft genaderd ontstaat een hevig vuurgevecht. Al snel blijken de ABDA-schepen niet opgewassen tegen het Japanse eskadron met zware kruisers. De Britse kruiser HMS “Exeter” wordt als eerste getroffen en raakt zwaar beschadigd aan een ketelruim. Hierbij vallen veertien doden. Niet veel later krijgt de Hr. Ms. "Kortenear" de volle laag. Na een voltreffer van een torpedo breekt het schip in tweeën en verdwijnt in twintig minuten naar de zeebodem. Opvarenden weten op tijd overboord te springen en klampen zich aan ronddrijvende wrakstukken vast. Voor deze mannen duurt het uren voordat ze uit zee worden gered.
Volmacht bij krijgsgevangenschap of vermissing (09-01-'42)
Schout-bij-nacht Karel Doorman heeft de gehavende HMS “Exeter” inmiddels opdracht gegeven om zich met de Hr. Ms. "Witte With” en HMS "Electra" terug te trekken. De HMS "Electra” zou hierbij de aftocht dekken, maar raakt dusdanig beschadigd dat het eveneens zinkt. Bij aankomst in Soerabaja ondergaat het HMS "Exeter" een noodreparatie en zal vervolgens naar Ceylon vertrekken. Vanwege brandstof- en munitiegebrek moeten nog vier torpedobootjagers van de ABDA-vloot zich van het slagveld terugtrekken. Hierbij vaart het de HMS "Encounter" op een mijn. Uiteindelijk heeft de Schout-bij-nacht Karel Doorman geen andere keus dan zich met de overige schepen van het slagveld terug te trekken.
De kruiser Hr. Ms. "De Ruyter" aan de kade in Soerabaja (foto NIMH)
28 februari 1942: Bij een tweede aanval op de eenenveertig Japanse transportschepen probeert Schout-bij-nacht Karel Doorman het Japanse eskadron te ontwijken. Dat plan mislukt, zodat de schepen van Doorman alsnog onder vuur worden genomen. De kruiser Hr. Ms "Java " valt als eerste ten prooi aan de vijandelijke torpedo’s en ook dit schip verdwijnt binnen de kortste keren in de golven. Anderhalf uur later ondergaat de kruiser Hr. Ms. "De Ruyter" hetzelfde lot, het schip gaat inclusief de Schout-bij-nacht Karel Doorman op de Javazee ten onder. De twee resterende kruisers HMAS "Perth" en USS "Houston" weten te ontkomen, maar worden een dag later op de Straat Soenda alsnog tot zinken gebracht. Het verlies van de Slag op de Javazee zou voor het verdere verloop van de oorlog doorslaggevend zijn.
Een van Dick Rooseboom zijn opdrachten was de gehavende HMS "Exeter" na de noodreparatie in Soerabaja via de Straat Soedan naar Colombo te begeleiden. De HMS "Exeter" werd door zowel de torpedobootjager Hr. Ms. "Witte de With" als een Engelse en Amerikaanse torpedobootjagers naar de haven van Colombo geëscorteerd. Eenmaal bij Ceylon aangekomen verlaat de Hr. Ms. "Witte de With" op de late avond van 28 februari de haven van Colombo. Niet wetende dat de HMS “Exeter" op 1 maart '42 tijdens de tweede fase van de Slag op de Javazee alsnog zou vergaan.
Links de Britse kruiser HMS "Exeter" in januari '42 en rechts op 1 maart '42
01 maart 1942: Onderweg naar de Javazee worden de HMS "Exeter”, HMS “Encounter” en de USS ‘Pope” op de Straat Soenda door de Japanners ontdekt. Eenmaal op de Javazee worden de HMS “Exeter’ en HMS "Encounter" getorpedeerd en tot zinken gebracht. Hierbij komen alle bemanningsleden om het leven. De USS "Pope" weet te ontsnappen, maar wordt later op de dag alsnog tot zinken gebracht.
Het marine-etablissement aan de Oedjong en de luchtaanvallen op de haven van Soerabaja
Tijdens een poging om de haven van Soerabaja te verdedigen wordt Hr. Ms. “Witte de With” vanuit de lucht aangevallen. Door meerder voltreffers loopt het schip dusdanig veel schade op dat het schip niet meer te redden zijn. Ook de Hr. Ms. Banckert die voor herstelwerkzaamheden in de haven ligt wordt onherstelbaar beschadigd. Een dag later op 2 maart ’42 worden beide schepen tot zinken gebracht, zodat ze niet in handen van de Jappen vallen.
Als Greet haar man Dick op het Marine-Etablissement komt ophalen, treft zij alleen Dick en een collega op het terrein aan. Zij staan naast een enorme berg bagage, bultzakken, koffers en losse kleren te wachten. De mannen weten alle barang in de auto te laden. De collega propt zich in de dicky-seat tussen allerlei spullen. Dick gaat achter het stuur zitten, Greet daarnaast met tussen hen in een plunjebaal en een sabel.
Nog voordat Dick het terrein is afgereden klinkt een waarschuwingsschot. Geschrokken zette hij zijn auto stil. Als Dick vraagt waar dat schieten voor nodig is verteld de wacht dat hij hen alleen wil laten stoppen. Dick roept de wacht gehaast toe dat hij vandaag nog naar de marinebasis in Tjilatjap moet en mag dan meteen doorrijden. Onderweg naar huis laat Dick zijn pet aan Greet zien. Vlak naast het embleem van de pet zit een gat van een granaatscherf, ontstaan tijdens het vuurgevecht van de Hr. Ms. "Witte de With" met de Japanse vloot. Hij vertelt ook dat hij tijdens een eerdere aanval op de Hr. Ms. “Kortenear” mensen hulpeloos in het water heeft zien drijven. Tijdens de rit naar de Bankastraat klinkt voortdurend het luchtalarm. Eenmaal thuis blijft het luchtalarm alsmaar klinken, maar ze zijn er inmiddels aan gewend. Er wordt niet eens schuilkelders opgezocht.
Dick in zijn Ford cabriolet type 78 van het bouwjaar 1937 en het opsporingsbevel
Ten tijde van de bezetting is de Ford van Dick en Greet spoorloos verdwenen en nooit teruggevonden. Ook niet na de bevrijding. Als Dick alweer geruime tijd in Nederland terug is probeert hij nog wel zijn auto terug te krijgen. Dat doet hij met een opsporingsbevel dat in Soerabaja wordt uitgegeven, maar ook dat is zonder resultaat.
Tjilatjap
08 maart 1942: In de periode dat Dick in Tjilatjap verblijft liggen Japanse onderzeeërs niet ver van de kust vijandelijke schepen op te wachten. Als Greet dat te horen krijgt verwacht zij dat Dick iets zal overkomen en dat zij dan alleen in Soerabaja zal achterblijven. Gelukkig krijgt Greet een week later een telefoontje van een onbekende man, met de mededeling dat Dick inmiddels in Bandoeng in krijgsgevangenschap zit.
Bekendmaking geïnterneerden van de marine uit de krant van 7 april '42
Als Greet de eerste brief van Dick ontvangt, vraagt hij aan haar of ze naar Bandoeng wil komen. Ze kan dan tijdelijk bij zijn oom Chris en tante Enny in huis komen wonen. Voor Greet is dat een lastige beslissing, enerzijds omdat ze haar huis in Soerabaja niet wil verlaten en anderzijds omdat ze verwacht dat ze Dick niet in het kamp mag bezoeken. In Soerabaja mogen krijgsgevangene ook niet bezocht worden.
Na de bombardementen op Soerabaja is Tjilatjap ineens de belangrijkste af- en aanvoerhaven van Java
Omdat na Tandjong Priok nu ook de haven van Soerabaja is bezet is Tjilatjap aan de zuidkust ineens de belangrijkste haven van Java. Tjilatjap ligt aan de monding van de rivier Donan en de Indische oceaan. Alleen vanuit deze haven is het nog mogelijk om Java te ontvluchten. De situatie in de haven van Tjilatjap is hectisch. Drieduizend marinemensen en vele duizenden burgers zijn in afwachting om ingescheept te worden, zodat ze Java kunnen verlaten. Japanse verkenningsvliegtuigen vliegen inmiddels al over Tjilatjap om de haven in de gaten te houden. Op de avond van 2 maart vertrekken het s.s. “Sloterdijk”, “Kota Baroe”, “Tjisaroea”, “Duymaer van Twist” en de “Generaal Verspijck” de haven en allemaal afgeladen met evacuees. Mensen die naar veiliger oorden willen. De dag daarop vertrekken de “Janssens” en “Tawali” als laatsten de haven en ook weer afgeladen met evacuees. Op 4 en 5 maart zijn de eerste Japanse luchtaanvallen op Tjilatjap. De schade is gigantisch en er vallen veel slachtoffers.
Schepen aan de kade in Tjilatjap om evacuees op te pikken en rechts de "Kota Gede" die al op 27 februari '42 met evacuees vertrok
12 april 1942: Uiteindelijk heeft Greet op 12 april het besluit genomen om toch naar Bandoeng te vertrekken. De LBD in Soerabaja waarbij Greet op dat moment dienst doet heeft haar een verlofpas verstrekt om een maand om naar Bandoeng te kunnen. Ze regelt haar zaakjes, pakt de spullen in die ze nodig heeft en vertrekt de volgende dag om 08.00 uur naar het station Goebeng. Voor acht gulden koopt zij een kaartje derde klasse en vertrekt naar Bandoeng. De reis verloopt niet bepaald voorspoedig. In Djocja moet iedereen overnachten, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De Jappen hebben overal voorrang, zodat alle hotels vol zitten. Uiteindelijk vindt Greet een achterafkamertje in Hotel Mataram. De volgende ochtend gaat de reis verder, maar dit keer moet iedereen bij het plaatsje Laos dat vlak bij de Serayu rivier ligt uitstappen. De brug over de rivier is opgeblazen. Nadat alle passagiers met bootjes de rivier zijn overgezet moeten ze op een trein wachten die vanuit Bandoeng moet komen. Met deze trein zal de reis vervolgd worden. Het wachten op de trein duurt uren, terwijl het ook nog eens bloedheet is.
13 april 1942: Uiteindelijk komt Greet om 20.30 uur in de stromende regen in Bandoeng aan, terwijl de avondklok daar een uur eerder al is ingegaan. Moe van de reis en al het oponthoud komt Greet op de Burgemeester Kührweg 51 aan, het huis van oom Chris en tante Enny. De ontvangst is buitengewoon vriendelijk en er wordt gepraat en gegeten, maar er is maar één ding waar Greet nu behoefte aan heeft en dat is slapen. Omdat Greet alweer een tijd niets van Dick heeft vernomen is ze de dag daarop de wanhoop nabij. Diezelfde middag stopt ineens een auto voor de deur en daar stapt zowaar Dick uit. Het wederzien is overweldigend. Met een valse pas wist Dick het kamp uit te glippen, maar hij vertelt er wel bij dat hij over een uur met diezelfde auto naar het kamp wordt teruggebracht.
Momenteel zit Dick met nog meer officieren in het LOG, dat voluit 'Lands Opvoedings Gesticht' betekend. Het is een voormalige jeugdgevangenis en ligt een heel eind bij het huis van oom Chris vandaan. Als Greet op een dag een kennisje bezoekt, blijkt deze tegenover het LOG te wonen. Greet treft het want ze mag bij dat kennisje inwonen. Zo kan ze Dick vaak zien, soms wel tien keer op een dag. De kamer van Greet is tegenover het sportveld, waar Dick ’s ochtends vroeg haasje-over aan het springen is, aan het voetballen is, of een andere sport uitoefent. Ook ziet Greet hem ’s middags wel eens tennissen, of loopt hij met een groep andere krijgsgevangenen voorbij als ze aan het foerageren zijn. Dick en Greet hebben elkaar nog nooit zo vaak gezien als bij het LOG. Er worden ook brieven uitgewisseld. Dat doen ze stiekem via een vuilniskar of verstopt in een tennisbal die per ongeluk buiten het terrein wordt geslagen. Kortom, de tijd dat Greet bij dat kennisje inwoont is niet eens zo’n slechte periode.
Aquarel van 'Lands-Opvoedings-Gesticht het L.O.G. te Bandoeng (Diedrich Heinrich Volz 17 mei '42)
Het 'Lands Opvoedings Gesticht' aan de Daendelsweg in Bandoeng-Oost is van maart tot en met mei 1942 een krijgsgevangenkamp, van juli 1942 tot april 1944 een burgermannenkamp en vanaf augustus 1945 een opvangkamp.
Tjimahi
De kampen waar Dick de komende jaren zal verblijven zijn Kamp Tjimahi met kampnummer 16373 (begin '43), 21307 en 8842 en in Batavia het 1e Depôt met kampnummer 9133
Helaas wordt Dick eind mei al overgeplaatst naar Kamp Tjimahi. Dat kamp ligt acht km buiten Bandoeng en dat houdt in dat Dick en Greet elkaar de komende jaren niet meer zullen zien. Vanaf oktober ’42 vertrekken dagelijks grote transporten met krijgsgevangenen uit Tjimahi. Waarheen weet op dat moment alleen de Jappen.
De interneringskaart van Dick en het kampnummer waarmee hij de eerste periode in Tjimahi verbleef
Vanaf de dag dat Dick naar kamp Tjimahi vertrekt zit Greet voortdurend in angst. Ze krijgt te horen dat bijna alle marinemannen die krijgsgevangen zijn genomen naar Singapore, Thailand, Burma, Japan en andere landen worden afgevoerd. Op de een of andere manier weet Dick in Tjimahi te blijven. Dat kan Greet weten omdat zij iedere maand een postwissel van Dick uit Tjimahi ontvangt en zolang Greet een postwissel ontvangt zit Dick in Tjimahi. Zelf wordt Greet in december ’42 in kamp Tjihapit gevangen gezet. Ze komt daar op de Rijpwijk 15 te zitten.
Een kaart van Greet vanuit Tjihapit aan Dick in Tjimahi
Baasje, Hier is alles goed, ik ben net ziek geweest (5daagse), maar nu ben ik bijna beter. Ik ben gauw moe, maar dat geeft niet, maak je maar geen zorgen. Met oom moet het goed gaan, schrijft hij, maar is nog niet verhuisd. Pa B.O. is regelmatig in de kerk, maar is al lang terug in Soerabaja. Alles goed, Sepp woont buiten met kennissen van Hella. Ans woont nog steeds bij ons in huis. Het geld moet voldoende zijn, omdat ik iedere maand fl. 10,00 van jou krijg, ben daar heel blij mee. Ontmoet hier regelmatig Jet en tante Milly. Elke dag plaatsen kennissen van de dames hun fietsen in onze tuin, dat is dicht bij de markt. Ik maak regelmatig cadeautjes enz. voor Dick.
Vele groetjes Baasje, van ons allemaal. Taske".
Vertaling van de tekst op de kaart die Greet aan Dick stuurt
Niet alle tekst op de kaarten die Dick en Greet elkaar stuurden is verklaarbaar. Mogelijk heeft dat met de censuur te maken. De Japanse bezetter verbiedt bepaalde tekst en controleert daar streng op. In die jaren dat Dick en Greet in diverse kampen verblijven ontvangt Greet slechts vijf briefkaarten van Dick. De kaarten die Dick verstuurd zijn in het Maleis geschreven, op een kaart na, die is in het Engels en deze kaarten hebben altijd enkele standaardzinnen. Enkele van de ontvangen kaarten zijn een jaar voor aankomst al geschreven en komen dan eindelijk toch een keer aan. Een teken dat de Jappen het niet zo nauw nemen met de verzending van post.
Een kaart die Dick in Tjimahi naar Greet in Tjihapit schreef (april '43). Dit keer niet in de gebruikelijke Maleise taal maar in het Engels
Japan capituleert
15 augustus 1945: Om 12.00 uur wordt bekend gemaakt dat Japan is gecapituleerd. Via de radio spreekt de keizer van Japan de bevolking persoonlijk toe en maakt bekend dat zijn leger de bevelen van de geallieerden zal opvolgen. Vanaf dat moment heeft Greet nog een wens en dat is zo snel mogelijk weer bij Dick te zijn. Ten tijde van de capitulatie verblijft Greet in kamp Lampersari-Sompok en ze weet dat ze dat kamp niet mag verlaten. Greet weet dat Dick inmiddels in Bandoeng terug is en besluit om met twee dames die ook uit Lampersari-Sompok weg willen het kamp te verlaten. Het kamp verlaten mag alleen met toestemming van het Rode Kruis, maar het Rode Kruis is nogal traag met het nemen van beslissingen. Dus zullen de dames dat stiekem moeten doen. Wanneer Greet de dames voorstelt om te vertrekken, bedenken de dames zich telkens. Uiteindelijk vertrekt Greet maar op eigen houtje. Hierdoor heeft ze geen Soerat Lepas (vertrekpas), terwijl ze hard nodig heeft om allerlei faciliteiten en giften te ontvangen.
Een deel van het kamp Lampersari-Sompok
Vanuit Nederland informeert een verontruste broer Arend naar het welzijn van Dick en Greet en omschrijft de situatie zoals die in Holland is (25 aug. '45)
De laatste kaart die Greet vanuit Lampersari-Sompok (Semarang) aan Dick stuurt is van 27 augustus '45. Hierin vermelde zij: Ik werk momenteel in het kampkantoor van Sompok en denk dat het beter is dat ik hier wacht tot jij Liefke naar hier kon komen. Wij kunnen dan samen naar Bandoeng reizen. Taske.
De laatste kaart die Greet vanuit Lampersari-Sompok (Semarang) naar Dick in Batavia-1e Depôt schreef (27 augustus '45)
Op de keerzijde van de kaart hierboven staan in het Maleis de standaard voorwaarden vermeld
1. Banjaknja perkataan haroes diseboet dalam 25 perkataan = Een mededeling moet vermeld worden in 25 woorden.
2. Haroes dengan mesin toelis atau dengan tjara hoeroef besar tjetakan soepaja terang dan moedah dibatjakan = Moet met schrijfmachine of met grote letters gedrukt worden zodat het duidelijk en gemakkelijk gelezen kan worden.
16 september 1945: Zonder problemen weet Greet met een koffer in haar hand de poort van Lampersari-Sompok uit te lopen, maar naar welke richting weet ze niet. Welk treinstation moest ze hebben en waar moet ze tijdens de reis overnachten? Ze houdt een inlander met een betja aan en gevraagd hem naar het station te brengen waar de trein naar Bandoeng stopt. Ze zit ongeveer anderhalf uur in een betja die over de meest beroerde wegen rijdt. Uiteindelijk komt ze in het westen van Semarang bij station Pontjol terecht. Voor het ritje met de betja hoeft ze maar fl. 7,50 te betalen.
Er blijkt geen nachttrein te gaan en na flink wat gesmoes met de Indo-stationschef, geeft hij Greet een papiertje waarmee ze morgenochtend om 08.00 uur een kaartje kan kopen. Hij raadt haar aan om een tweede klas kaartje van fl. 32,40 te nemen, omdat de derde klas altijd overvol is. Aan een jongen van het Rode Kruis vraagt Greet vervolgens waar ze zou kunnen slapen en die verwijst haar naar het Kebon Kawung, waar het Chinese Rode Kruis is gevestigd. Na veel heen- en weer praten met De Chinese baas van die toko wil haar in eerste instantie niet toelaten omdat ze zonder officiële Rode Kruisbescherming reist, maar na veel over en weer gepraat lukt het haar uiteindelijk toch om bij het Rode Kruis te overnachten.
De volgende ochtend om 05.00 uur, dat is dan Javaanse tijd, staat Greet op en wordt met een betja naar het station gebracht. Zoals vertelt koopt Greet om precies 08.00 uur een kaartje en stapt in een tweede klas wagon. De trein zit inderdaad propvol, zelfs op de leuning van haar bank zit iemand en op de koffer nog iemand. Tijdens een tussenstop In Cheribon probeert Greet iets eetbaars te kopen, maar vanwege de drukte lukt het niet om uit de trein te komen. Een Chinees die dat ziet weet iets vanuit het toiletraampje iets eetbaars te kopen en geeft Greet een kippenpootje. In Tjikampek moet Greet op een ander trein overstappen. Omdat de trein waarin Greet zit vertraging heeft opgelopen moet ze rennen voor wat ze waard is om die andere trein niet te missen. Nog maar net op tijd weet ze op het achterbalkon van de laatste wagon te springen. want de trein begon al te rijden. Ook deze trein is overvol. Omdat de locomotief twintig wagons met zich mee sleept, moet deze bij sommige hellingen ongelogen vier keer een aanloop nemen wil hij eroverheen komen. Later zal blijken dat het alleen maar goed is dat Greet Lampersari-Sompok op eigen houtje heeft verlaten, de anderen moesten nog twee maanden wachten voordat ook zij vertrokken.
Registratieformulier voor krijgsgevangenen en geïnterneerden (29 september '45)
Terug naar de vrijheid
Rond middernacht komt Greet in Bandoeng aan. Bij het station staat bussen van het Rode Kruis klaar om de reizigers naar hun eindbestemming te brengen. Greet heeft pech, zij wordt met één van de laatste bussen weggebracht en komt pas om 01.30 uur bij het huis van oom Chris en tante Enny aan. Die waren niet eens op de hoogte van haar komst en schrikken zich dood als ze Greet midden in de nacht voor het hek zien staan. In eerste instantie herkennen ze haar niet. Door alle ellende die Greet heeft meegemaakt is het slechts een geraamte van 1.74 meter met een gewicht van slechts 38 kilo. Greet ziet er ook nog eens erg vermoeid, goor en verreisd uit. Ze is zelfs zó moe, dat ze meteen naar bed wil, zonder enige verfrissing.
De volgende ochtend neemt ze voor het eerst sinds jaren weer eens een lekker warm bad. Met deze opfrisbeurt lijkt het alsof al het kampvuil in een keer van haar lichaam is gespoeld. Als ze nu ook haar "Klorisje in haar armen mag sluiten is ze weer helemaal gelukkig!
Verklaring om 's nachts buiten het Militair Kamp Tjihapit te mogen vertoeven (6 oktober '45)
Heel toevallig kwam Dick op diezelfde ochtend een kop koffie bij zijn oom drinken. Je had zijn verbaasde gezicht moeten zien, toen hij Greet op een stoel in de tuin zag zitten. Hoe het weerzien van mensen verloopt die elkaar in jaren niet hebben gezien spreekt voor zich.
Het passeerbiljet naar een vrij leven (9 oktober '45)
Nu ze elkaar hebben teruggevonden beseffen Dick en Greet dat er nog heel veel moois van het leven te maken valt. Na jaren cynisch over alles geweest te zijn is dat een heerlijk gevoel.
Terug naar kamp "Tjihapit"
Ondanks de terugkeer naar de vrijheid is het nog altijd gevaarlijker op straat. Opstandelingen laten steeds vaker van zich horen en er komen steeds vaker meldingen op de radio over de gruweldaden die opstandelingen uitvoeren op buitenlanders. Blanken en Indo's die met blanken samenwerkten zijn hun leven niet zeker. De meest gruwelijke moorden werden gepleegd en er komen steeds meer massagraven aan het licht. Dick en Greet zijn er dan ook niet verdrietig over dat ze naar kamp "Tjihapit" terugkeren. Dick heeft daar sinds september '45 werk op het kantoor van de Koninklijke Marine Junioren. Binnen de hekken van "Tjihapit' zijn ze in ieder geval veiliger dan bij oom Chris en tante Enny op de Burgemeester Kührweg.
Vergunningen van Dick en Greet om kamp "Tjihapit" te mogen verlaten
Greet kan op 1 november '45 ook het kantoor van de Koninklijke Marine-Junioren komen werken. Het kantoor is gehuisvest op de hoek van de Tandjoenglaan en de Blimbinglaan. Daar zijn ongeveer 120 jongens die een opleiding volgen. Als Dick in januari '46 opdracht krijgt om naar Batavia te verhuizen zijn er nog maar 49 jongens gehuisvest en dat is dan inclusief hum moeders, broers en zussen. In Batavia zal Dick hoofd van het M.P.K.B (Militair Postkantoor Batavia) worden.
Het kantoor Koninklijke Marine-Junioren te Tjihapit zoals Greet die heeft getekend
Slechts één van de 120 marine-junioren die in Tjihapit verbleven wist een brief naar Dick te schrijven
Medicijnen die voor Dick bestemd zijn worden op 12 december '45 verstrekt
1946
Dick is op 16 januari '46 benoemd tot Verbindingsofficier
Na de Japanse overgave heeft Dick diverse functies bij de marine bekleed. Diverse keren heeft hij voor werk vliegreizen over Java gemaakt Een keer moest hij voor werk naar zijn voormalige woonplaats Soerabaja, maar meestal ging de reis naar Batavia.
Dienstopdracht om op 21 januari '46 naar Batavia te reizen
Dick en Greet hebben vliegtickets om op 30 januari '46 naar Batavia te reizen
Alweer vertrekt Dick naar Batavia, maar dit keer samen met zijn vrouw Greet. Dit zal de laatste reis zijn dat ze gezamenlijk uitvoeren. Over enkele maanden zal Greet als eerste naar Holland vertrekken.
Bon gedateerd op 2 maart '46 voor aankopen bij een noodwinkel in de wijk Tjikini te Batavia
M.P.K.B. (Militair Postkantoor Batavia)
Buiten eerder genoemde werkzaamheden zal Dick ook een functie als Hoofd-MPKB vervullen, die hij tot aan zijn vertrek naar Nederland Holland vervuld. Vanuit het kantoor M.P.K.B. worden militaire postzaken geregeld die over de gehele wereld verzonden worden. Greet heeft op dit kantoor een functie als secretaresse vervuld.
Greet komt bij het M.P.K.B. ook op de loonlijst voor
De baas van het M.P.K.B. en zijn secretaresse op 27 juni '46 aan het werk terwijl het 'Schippertje' op nieuwe orders wacht
Als hoofd van het M.P.K.B. heeft Dick een havenpas om schepen in de haven van Tandjong Priok te bezoeken
Apart van elkaar keren Dick en Greet terug naar Nederland
Zoals uit de havenpas blijkt, is Dick na het vertrek van Greet ingetrokken in het alom bekende Hotel Schompers te Batavia. Hotel Schompers wordt gerund door de familie L.C. Schomper en is een hotel in wijk Tjikini waar vooral zakenlieden en vooraanstaande ambtenaren een kamer reserveerden. Ten tijde dat Dick in hotel Schompers verblijft is het een hotel waar met name militairen en repatrianten in afwachting zijn om naar Nederland terug te keren.
Omdat Greet naar Nederland teruggaat verdwijnt ze bij het M.P.K.B. van de loonlijst
Wanneer Dick naar Nederland terugkeert krijgt hij een afscheidskaart met handtekeningen van zijn collega's bij het M.P.K.B.
Gouvernementspassage 1e klasse om met het m.s. "Oranje" naar Nederland te reizen








































