DE INTERNATIONALE BINNENVAART

(Gebruik van waardebonnen als boordgeld - scheepsgeld)

Inleiding

De Internationale Nederlandse Rijnvaart had voor het uitbreken van WO2 met 60.000 schepen een groot aandeel in het goederenvervoer tussen de zeehavens en de gebieden langs de Duitse, Franse en Zwitserse Rijn. Aan het begin van de oorlog vorderden de Duitsers een groot aantal van onze binnenvaartschepen. Deze schepen werden omgebouwd tot landingsvaartuig, zodat ze geschikt waren voor 'Operatie Zeeleeuw ' (Operation Seelӧwe). Met een snelle opmars hoopten ze Engeland te kunnen verrassen en voor het overbrengen van oorlogsmateriaal hadden ze veel landingsvaartuigen nodig. Hiervoor werden de binnenvaartschepen ontkopt en voorzien van een andere boeg inclusief oprijklep. Zo kon rollend materiaal als tanks worden meenemen. Operatie Seelӧwe werd diverse keren uitgesteld en uiteindelijk helemaal afgelast. Veel binnenvaartschepen verdwenen toen naar Duitsland.

Na de capitulatie werden een groot aantal binnenvaartschepen weer uit Duitsland teruggehaald door onze eigen schippers. De internationale binnenvaart kwam langzaam weer opgang en ook daarbij gold een uitvoerverbod van Nederlands geld. De schippers en hun gezin waren vaak weken van huis, moesten daardoor regelmatig voedsel en goederen inslaan en daar was een betaalmiddel voor nodig.

BUREAU INTERNATIONALE VAART

Het Bureau Internationale Vaart (B.I.V.) was verantwoordelijk voor de verstrekking van waardebonnen voor het NEDERLANDSCH RIJNVAART PERSONEEL Deze waardebonnen kon men in Rotterdam en Lobith aanschaffen, of in het Duitse Wesseling, Wiesbaden-Schierstein en Mannheim, waar het B.I.V. kantoor hield. In bijzondere gevallen kon dat ook bij een missiepost in Duisburg. In Duitsland werkte het Centraal Distributie Kantoor (C.D.K.) mee aan de distributie van deze waardebonnen en zou hierover een controlerende taak hebben. Met de uitgifte van de waardebonnen kon meteen worden gecontroleerd of de schaarse goederen door Nederlandse schippers werden gekocht en niet door Duitsers.

Waardebonnen voor NEDERLANDSCH RIJNVAART PERSONEEL

Drukkerij J.H. De Bussy kreeg de opdracht voor het vervaardigen van waardebonnen voor de Internationale Rijnvaart. Deze Amsterdamse drukker had al jaren ervaring met het vervaardigen van waardepapieren, waaronder de zilverbons type 1938. Het ontwerp van dit type zilverbon (dat overigens al enkele jaren uit de roulatie was) bleek prima geschikt als uitgangspunt.

Zilverbon type 1938 keerzijde Rijnvaartbiljet type 1946

Links de keerzijde van een zilverbon type 1938 en rechts een Rijnvaartbiljet

Toen na de oorlog het gebruik van zilverbons overbodig bleek, werden ze uit de roulatie genomen. Drukkerij De Bussy had daardoor een overschot aan veiligheidspapier. Papier dat prima geschikt zou zijn voor het vervaardigen van waardebonnen voor de Internationale Rijnvaart. Doordat De Bussy van het B.I.V. die opdracht ook kreeg, was het probleem van dat overschot veiligheidspapier meteen opgelost. Omdat De Bussy ook het oude ontwerp van de zilverbon 1938 mocht gebruiken, werd het vervaardigen van de waardebonnen een eenvoudige, snelle en vooral goedkope klus. De eerste serie bonnen kon zo snel in omloop worden gebracht.

 WAARDEBONNEN TYPE 1946 (1e serie)

De eerste serie Rijnvaart-biljetten kwam in 1946 in omloop en werd eenzijdig gedrukt. De vijf coupures zijn; de 10 en 25 cent in klein formaat en de 1 gulden, 2,50 gulden en de 10 gulden in groot formaat. 

  Av.Alg.BIV.1946.10 type 1  Av.Alg.BIV.1946.25 Type 1  

 Av.Alg.BIV.1946.100 Type 1  Av.Alg.BIV.1946.250 Type 1 Av.Alg.BIV.1946.1000

Varianten

Av.Alg.BIV.1946.1000.Va-Type-1 a.

Waardebon (type 1) met ontwaarding

a. Variant: Deze waardebon heeft een ontwaarding vanwege een serienummer met zes nullen, een verticale perforatie met d.B.d.B. in herhaling en een ster.

Av.Alg.BIV.1946.100.Specimen Av.Alg.BIV.1946.250.Specimen Av.Alg.BIV.1946.1000.Specimenb

Specimen biljetten

b. Variant: Deze waardebonnen hebben een ontwaarding vanwege een serienummer met zes nullen en een stempel met de tekst SPECIMEN.

WAARDEBONNEN TYPE 1949 (2e serie)

De tweede serie Rijnvaart-biljetten kwam In 1949 in omloop. Er zijn wel enkele aanpassingen; de kleurencombinatie is anders en de lage waardes van 10 en 25 cent kwamen te vervallen. Ook de handtekeningen verschillen; bij de bonnen uit 1946 werd door 1 medewerker ondertekend, nu zijn dat twee medewerkers. 

Av.Alg.BIV.1949.100 Type 2

       Varianten

Av.Alg.BIV.1949.100 Type 2 Proefdruk Av.Alg.BIV.1949.250.va Type 2 Proefdruk Av.Alg.BIV.1949.1000 Type 2 Proefdruka

a. Variant: Deze waardebonnen zijn in spiegelschrift, een serienummer ontbreekt en de kleuren wijken af.

Av.Alg.BIV.1949.100.va Type 2 Av.Alg.BIV.1949.1000.va Type 2b

Waardebonnen (type 2) met ontwaarding 

b. Variant: Deze waardebonnen hebben een ontwaarding vanwege het serienummer met zes nullen en ze hebben twee verticale perforaties met d.B.d.B. in herhaling.

Nabeschouwing

Deze waardebonnen hadden hetzelfde principe als het overige boordgeld, want beiden waren een noodbetaalmiddel. De omstandigheden voor gebruikt waren wel anders! De waardebonnen van de Rijnvaart waren voor aankopen aan de wal en het overige boordgeld alleen voor aankopen aan boord.